Vondst van scheepsresten in Hulst

Eind augustus 2011 zijn in Hulst de resten van middeleeuwse schepen gevonden tijdens de Archeologische Begeleiding van het project Nieuwe Bierkaai in Hulst. Het betrof scheepsdelen die waren verwerkt in enkele houten kadebeschoeiingen van de middeleeuwse haven.

Hoewel in het Programma van Eisen was aangegeven dat dergelijke resten verwacht konden worden, was er helaas bij het archeologisch onderzoek geen rekening gehouden met de gespecialiseerde documentatie, berging en bestudering van scheepsvondsten. De Provincie Zeeland heeft de resten door een scheepsarcheoloog laten bergen nadat de SCEZ deze aanmerkte als belangrijk onderzoeksspeerpunt.

Berging en documentatie
Omdat het einde van het archeologisch onderzoek naderde en de scheepsresten volgens de Provinciale Onderzoeksagenda Archeologie Zeeland (POAZ) aangemerkt konden worden als een belangrijk onderzoeksspeerpunt heeft de Provincie Zeeland de Vlaamse scheepsarcheoloog Jeroen Vermeersch ingehuurd om de delen van schepen binnen het kader van de archeologische begeleiding goed te documenteren en te bergen, ook met medewerking van de gemeente Hulst, Arcadis en archeologen van Artefact.

Ondersteuning
Archeologen van de SCEZ en de Provincie Zeeland leverden tijdens het onderzoek, dat duurde van 19 t/m 24 september, professionele ondersteuning om het onderzoek tijdig te kunnen afronden. Belangrijke hulp werd ook geboden door leden van de Werkgroep Archeologie Hulst, een studente van Universiteit Gent en een Vlaamse collega-archeoloog.

Delen van verschillende schepen
Er werden delen van tenminste vier verschillende schepen opgegraven in de kadebeschoeiingen, waarbij ook belangrijke gegevens al tijdens het veldonderzoek konden worden geobserveerd. Op de meest noordelijke locatie betrof het zeven gangen van een overnaadse scheepshuid zonder delen van spanten, mogelijk te dateren in de vijftiende eeuw. Het breeuwsel tussen de planken, om de huid waterdicht te maken, bestond vermoedelijk uit mos, maar op een plaats was een fragment leer als breeuwsel gebruikt. In de zuidelijke beschoeiing, waar resten van zeker drie verschillende schepen in evenzovele kadefasen verwerkt waren, bestond een fase uit drie overlappende delen van één scheepswand. De planken van dit schip waren waterdicht gemaakt met breeuwsel van haren. De hoogstwaarschijnlijke herkomst van dit schip ergens uit Scandinavië kan er op wijzen dat er in Hulst voor 1300 scheepvaart- en handelscontacten bestonden met Noord-Europa.

Nadere bestudering
Het merendeel van de scheepsresten is voorzichtig geborgen en tijdelijk opgeslagen in een container met water. Op korte termijn zullen de scheepsdelen en de documentatie van het onderzoek worden overgedragen aan prof. dr. André van Holk, hoogleraar maritieme archeologie aan de Rijksuniversiteit Groningen, die met studenten de verdere studie van deze voor Zeeland bijzondere scheepsfragmenten zal voortzetten.